Moet jouw organisatie sociale verkiezingen organiseren of niet?

30 april 2019
Tekst
Partner Content
Moet jouw organisatie sociale verkiezingen organiseren of niet?

Om de 4 jaar organiseren menig ondernemingen sociale verkiezingen om de afgevaardigden in de Ondernemingsraad en het Comité voor Preventie en Bescherming op het Werk te verkiezen. De eerstvolgende sociale verkiezingen vinden plaats in de periode tussen 11 en 24 mei 2020. Bedoeling is dat je onderneming binnen deze periode 1 of meerdere verkiezingsdagen selecteert. De gekozen verkiezingsdatum (= dag Y), is immers bepalend voor de volledige procedure die welgeteld 150 dagen duurt. Hiermee worden dus alle data van de verkiezingskalender vastgelegd.

De sociale verkiezingen naderen met rasse schreden. Reeds in december 2019 wordt het startschot gegeven. Welke medewerkers mogen deelnemen aan de stemming? En hoe bereken je nu precies de gemiddelde tewerkstelling? Hoe zit het met uitzendkrachten?

Referentieperiode met een kwartaal vervroegd

Of je onderneming sociale verkiezingen moet organiseren of niet, is afhankelijk van het aantal medewerkers in je personeelsbestand. Ondernemingen met een gemiddelde vanaf 50 werknemers kiezen in 2020 personeelsvertegenwoordigers voor het Comité voor Preventie en Bescherming op het Werk. Vanaf gemiddeld 100 werknemers moet er ook verplicht gestemd worden voor een nieuwe Ondernemingsraad.

Tot in 2016 werd de tewerkstellingsdrempel telkens berekend door te kijken naar het kalenderjaar voorafgaand aan het jaar van de sociale verkiezingen. Echter, om te vermijden dat de referentie- en kiesprocedure elkaar opnieuw overlappen, werd de referentieperiode waarin de gewoonlijke tewerkstelling wordt becijferd vervroegd met een kwartaal. Dat betekent dat de referentieperiode al loopt sinds 1 oktober 2018. En dat nog tot en met 30 september 2019. De referentieperiode geldt zowel voor werknemers met een tewerkstelling van minstens 3/4de, als minder.

Uitzendkrachten tellen en stemmen ook mee

Uitzendkrachten tellen ook mee voor de berekening van de gemiddelde tewerkstelling, maar enkel voor het tweede kwartaal van 2019. Hun referentiekwartaal werd verschoven naar 1 april tot en met 30 juni 2019. Hiermee moet je zeker rekening houden indien je beroep doet op uitzendkrachten tijdens de paasvakantie.

Om deel te mogen nemen aan de stemming, moeten uitzendkrachten:

· 65 dagen ononderbroken tewerkgesteld zijn;

· 3 maanden niet-ononderbroken tewerkgesteld zijn.

Voor uitzendkrachten geldt een referentieperiode van 6 maanden voorafgaand aan dag X. Vergeet hen bijgevolg niet te registreren.

Heel wat verschillende zaken en data die je goed in je achterhoofd moet houden. Het team van Acerta gidst je erdoor. Lees meer.