Nieuwe werkpraktijken na COVID-19 wellicht positief voor genderdiversiteit

11 maart 2021
Nieuwe werkpraktijken na COVID-19 wellicht positief voor genderdiversiteit

Het aantal vrouwen met een hogere leidinggevende functie in bedrijven in het middensegment is wereldwijd gestegen tot 31%. Bovendien denken vrouwelijke managers dat de nieuwe werkpraktijken door de COVID-19-pandemie de carrièretrajecten van vrouwen op lange termijn eerder positief zal beïnvloeden.

Een en ander blijkt uit het jaarlijkse Women in business-rapport van Grant Thornton. Karin van Wijngaarden, partner familiebedrijf, noemt het doorbreken van de grens van 30% “zeker een vooruitgang”. De drempel van 30% is volgens onderzoek de minimale vertegenwoordiging die nodig is om besluitvormingsprocessen te veranderen.

De grens van 30 procent

Toen Grant Thornton het thema 17 jaar geleden begon te volgen, is het gestegen van 19%: “Maar deze winst kan gemakkelijk verloren gaan. Het is geruststellend dat 92% van de bedrijven wereldwijd zegt actie te ondernemen om de betrokkenheid en inclusie van hun werknemers te garanderen tegen de negatieve achtergrond van de pandemie. Met de normalisering van telewerken worden werkgevers steeds flexibeler over hoe, waar en wanneer werknemers hun werk doen."

Het is hoopvol te zien dat het percentage vrouwelijke leiders stijgt tot 31%, aangezien het wereldwijde cijfer de voorgaande twee jaar (2019 en 2020) hardnekkig op 29% bleef steken. Alle onderzochte regio's, met uitzondering van APAC (28%), hebben nu de cruciale mijlpaal van 30% overschreden.

Meer C-suite functies

Een andere bemoedigende uitkomst is het soort leidinggevende functies dat vrouwen bekleden. Uit het onderzoek van Grant Thornton blijkt dat het aantal vrouwen in operationele C-suite functies in vergelijking met vorig jaar is gestegen: het aantal vrouwelijke CEO's is met 6 procentpunten gestegen tot 26%, het aantal vrouwelijke CFO's is eveneens met 6 pp gestegen tot 36%, en het aantal vrouwelijke COO's is met 4 pp gestegen tot 22%.

Het aandeel vrouwen in de meer traditionele senior HR-functies daalde licht tot 38% (-2 procentpunten ten opzichte van 2020), en vertoont sinds 2019 een dalende trend. Van Wijngaarden: “Nu ESG (environment, social, governance) een belangrijk speerpunt wordt, zie ik een enorme kans voor (aanstormend) vrouwelijk talent om die C-positie met passie te gaan vervullen.”

Bovendien is meer dan twee derde (69%) van de respondenten het ermee eens dat in hun organisaties de nieuwe werkpraktijken als gevolg van COVID-19, het carrièretraject van vrouwen op lange termijn ten goede zullen komen. Dit ondanks mogelijk belemmerende factoren die te maken kunnen hebben met de flexibiliteit die werken op afstand biedt.

Werkende moeders

Hoewel het aantal vrouwen in leidinggevende functies is toegenomen, blijven er vragen bestaan over de gevolgen van de COVID-19-pandemie voor vrouwen, met name werkende moeders. Uit gegevens van de VN blijkt dat vóór de pandemie vrouwen drie keer zoveel onbetaald huishoudelijk werk deden als mannen. Er komen nu steeds meer aanwijzingen dat COVID-19 dit verschil alleen maar groter maakt. Er komt nu extra verantwoordelijkheden van kinderopvang en thuisonderwijs terwijl de scholen gesloten zijn.