Telewerk bijna verviervoudigd tot 64%

25 maart 2020
Tekst
Jo Cobbaut
Telewerk bijna verviervoudigd tot 64%

Half maart was het aandeel werkgevers dat telewerk had ingevoerd of versoepeld ten gevolge van de coronacrisis nog maar respectievelijk 18% en 17%. Vandaag is dat aandeel bijna verviervoudigd. 64% heeft het beleid voor thuiswerk versoepeld, 59% heeft het ingevoerd.

Dat zijn de resultaten uit een online enquête tussen 19 en 24 maart van Acerta Consult bij bedrijven die nog actief zijn. Kathelijne Verboomen, directeur van het Kenniscentrum van Acerta Consult, stelt vast dat de oproep van de overheid om telewerk in te voeren waar het kan, merkbaar was. "Er is een duidelijke shift gemaakt, de feitelijke lockdown heeft een aan de gang zijnde evolutie versneld. De terughoudendheid over telewerk, bij zowel werkgevers als werknemers, zou weleens ook voor na corona kunnen zijn overwonnen.”

Minderheid schakelt preventiedienst in voor een veilige werkplek

Niet alle werk kan evenwel van thuis gebeuren. 94% van de werkgevers wiens activiteiten kunnen doorgaan, heeft mensen in dienst die ook vandaag nog naar de werkplek moeten om hun taken te kunnen uitoefenen. Zonder uitzondering gelden daar strengere hygiënemaatregelen. Die zijn dan ook ondertussen een evidentie.

Minder gangbaar is de rol van de preventiedienst. Slechts 45% deed daarop een beroep voor het garanderen van veilige werkplekken. Nochtans hebben werkgevers met meer dan vijftig werknemers een preventiedienst.

Positieve impact op flexibiliteit

Werkgevers en werknemers hebben in deze coronatijden bewezen dat ze flexibel kunnen zijn. Flexibel op het vlak van werktijden en werkplek. Dit kan een goed moment zijn om ook in de taken flexibiliteit door te trekken.

Kathelijne Verboomen: “Net zoals de nood een deugd blijkt te zijn voor de acceptatie van telewerk, kan dezelfde nood aantonen dat mensen andere taken aankunnen dan ze van zichzelf denken of van hen wordt gedacht. Never waste a good crisis: interne rematching – het herschikken van talenten en taken – ook daarover zou hierna weleens meer flexibiliteit kunnen zijn gegroeid.”