Voka wil meer ambitieuze re-integratie langdurig zieken

18 maart 2021
Beeld
Shutterstock
Voka wil meer ambitieuze re-integratie langdurig zieken

Voor Voka mag het plan van de Vlaamse Regering om langdurig zieken te reïntegreren, een stuk ambitieuzer zijn. Er lopen nu te weinig re-integratietrajecten en die resulteren te zelden in uitstroom naar werk.

De Vlaamse overheid organiseert via de VDAB een samenwerking tussen het Riziv en de mutualiteiten voor de re-integratie van 10.000 langdurig zieken tegen 2023. De huidige overeenkomst tussen de VDAB en het RIZIV mikt op 5.000 begeleidingstrajecten per jaar. Maar in de praktijk worden er minder dan 4.000 gerealiseerd. Ook de uitstroom naar werk is nog te laag, met slechts 30% na 2 jaar begeleiding.

Korter op de bal

Voka wil graag meer begeleidingstrajecten en meer uitstroom naar werk. De werkgevers dringen erop aan om sneller op de bal spelen door reeds binnen de 3 maanden, uiterlijk na 5 maanden na de start van arbeidsongeschiktheid, te streven naar een inschatting van wat nog kan inzake arbeid.

Daarom wordt de dienstverlening van de VDAB beter bekend gemaakt bij de huisarts en behandelend artsen zodat sneller en vlotter het gesprek naar (aangepast of elders) werk kan worden aangevat.

Het federaal niveau

Voka bedenkt ook dat er een goede samenwerking nodig zal zijn met de federale instanties. Zo is de rol van de adviserend geneesheer bij de mutualiteit cruciaal om de omvangrijke groep te vatten met re-integratie. Voka oppert dat hier een responsabiliserende aanpak aangewezen zou zijn tegenover de vele gatekeepers in dit systeem.

Ook bij het vrijblijvend karakter stelt Voka vragen; na positief advies van de adviserend arts kan de betrokkene immers zelf beslissen om al dan niet op het begeleidingsaanbod in te gaan.

Voka pleit ook voor preventie. Aan het werk blijven of snel hernemen kan deel uitmaken van een genezingsproces. Maar dit vraagt van alle actoren wellicht een mentaliteitswijziging en mogelijks ook aangepaste incentives.

Als blijkt dat er geen mogelijkheden meer zijn binnen de onderneming, moet sneller transitiegewijs gezocht worden naar aangepaste tewerkstellingsmogelijkheden elders. Hier kunnen de vele hr-spelers en bemiddelaars en uitzendondernemingen een rol in spelen. Die reflex wordt nu nauwelijks tot niet gemaakt, zo schrijft Sonja Teughels van Voka.

De verdubbeling van aantal trajecten is goed maar tegelijk veel te beperkt in het licht van de enorme aantallen. Voka legt de ambitie op minstens 50.000 trajecten per jaar, al moeten kosten en baten van deze activeringsaanpak dan ook billijk verdeeld zijn over federale en regionale overheden. Bovendien moet hierin creatief worden omgegaan met de combinatie van gedeeltelijk werk en uitkering.

Bron: Sonja Teughels, Voka