Korte en middellange afwezigheid stegen sterk

6 juli 2022
Beeld
Foto door Andrea Piacquadio: https://www.pexels.com/nl-nl/foto/vrouw-zittend-op-de-vloer-3767426/
Korte en middellange afwezigheid stegen sterk

De korte en middellange afwezigheid door ziekte stegen sterk tijdens de eerste jaarhelft. Voor beide gevallen is de stijging groter bij bedienden dan bij arbeiders.

“Deze cijfers zijn zorgwekkend,” zo zegt Stéphanie Heurterre, Senior Consultant bij Securex. Maar ze verbazen haar niet, gezien de nieuwe opstoten van corona én de versoepelde maatregelen: “Daardoor zijn er meer korte afwezigheden. De psychologische corona-impact en uitgestelde zorg wegen dan weer op middellang ziekteverzuim.”

Aan het eind van de eerste jaarhelft maakt Securex, partner in tewerkstelling en ondernemerschap, ​ de balans op van

  • het kort absenteïsme,
  • afwezigheid van het werk van minder dan een maand wegens ziekte en
  • van het middellang absenteïsme, afwezigheid van het werk voor een periode tussen een maand en een jaar wegens ziekte.

Kort absenteïsme vooral bij bedienden sterk gestegen

In het tweede kwartaal van 2022 ging 2,54% van de beschikbare tijd verloren door kort absenteïsme. Dit is 28,1% meer dan in dezelfde periode in 2021 en 90,7% meer dan in het tweede kwartaal van 2020.

Bij bedienden ging er in het tweede kwartaal van dit jaar 2,23% van de beschikbare tijd verloren door korte afwezigheden wegens ziekte. Dat is ruim een derde (+34,8%) meer dan in dezelfde periode van vorig jaar en meer dan dubbel zoveel (+103,40%) dan in het tweede kwartaal van 2020.

Traditioneel gaat er bij arbeiders meer beschikbare tijd verloren aan kort absenteïsme dan bij bedienden. Ook in het tweede kwartaal van 2022 was dat het geval (3,34% bij arbeiders en 2,24% bij bedienden). Opvallend is wel dat de stijging van het kortdurend absenteïsme nu minder sterk was bij arbeiders dan bedienden: zo was dit bij arbeiders 16,6% hoger dan in het tweede kwartaal van vorig jaar en bij bedienden 34,8% meer.

Stéphanie Heurterre, Senior Consultant bij Securex: “Korte afwezigheden door ziekte zijn sterker gestegen bij bedienden. Bedienden zijn massaal teruggekeerd naar de werkvloer en hebben intussen minder zelf de reflex of de mogelijkheid om te telewerken behouden in geval van lichte gezondheidsklachten. Duidelijke afspraken en open communicatie tussen werkgever en werknemers blijven meer dan ooit nodig.”

Ook middellange afwezigheid door ziekte piekt

Securex stelt vast dat in de eerste jaarhelft van dit jaar 1,84% van de beschikbare tijd verloren ging door middellang absenteïsme (een maand tot een jaar), het hoogste niveau sinds het begin van de coronapandemie. Het middellange ziekteverzuim was in de tweede helft van 2021 al met meer dan een kwart (+26,9%) gestegen tegenover de eerste jaarhelft; die stijging zette zich door in de eerste helft van dit jaar nog verder door met 14,11%.

Ook de mate van middellang absenteïsme ligt traditioneel hoger bij arbeiders dan bij bedienden. Tijdens de eerste zes maanden van dit jaar ging er bij arbeiders 2,86% van de beschikbare tijd verloren aan middellang ziekteverzuim; bij bedienden 1,45%.

Net zoals kort absenteïsme, steeg middellang absenteïsme in de voorbije jaarhelft sterker bij bedienden dan bij arbeiders. Securex stelt bij bedienden een stijging van 21,3% vast ten opzichte van het tweede semester 2021. Arbeiders kenden vooral een eerdere stijging van middellange ziekteafwezigheid in de tweede jaarhelft van 2021 (+28,7%) ten opzichte van de eerste jaarhelft; deze stijging heeft zich in de eerste jaarhelft van 2022 doorgezet met 4,7%.

Stéphanie Heurterre gaat ervan uit dat eerder uitgestelde zorg die nu wél kan gebeuren, zeker een deel van deze toename verklaart. “Anderzijds worden veel werknemers nu pas echt geconfronteerd met een fysieke en mentale weerslag van de zware coronaperiode. Zo is bijvoorbeeld het risico op burn-out fel toegenomen. Werkgevers en werknemers hebben beiden belang bij open en constructieve dialoog, zeker tijdens de eerste zes maanden van afwezigheid, om de kans op succesvolle terugkeer naar het werkveld zo groot mogelijk te houden.”