AI, de hoopmachine van HR?

Foto
©David Plas
Onlangs stond ik in de rij aan de luchthaven. Voor mij checkte een zakenreiziger in nauwelijks één minuut zijn vlucht, koffer en stoelnummer. Geen loketbediende meer te bespeuren. “Fantastisch toch, die technologie”, zei hij tegen zijn reisgenoot. Die antwoordde droog: “Misschien. Maar heb ik daardoor meer vrije tijd gekregen?”
Die opmerking bleef hangen.
Wanneer het over artificiële intelligentie gaat, lijken we soms op goudzoekers uit de negentiende eeuw. Iedereen voelt dat er ergens een grote schat verborgen ligt, maar niemand weet precies waar. De verwachtingen zijn alleszins hoog. AI zou ons productiever maken, efficiënter laten werken en een antwoord bieden op de krapte op de arbeidsmarkt.
Ook in HR leeft die hoop. Kunnen we met minder mensen evenveel of zelfs meer werk verrichten? Kunnen we recruiters ontlasten, opleidingen personaliseren, personeelsvragen sneller beantwoorden en managers beter ondersteunen?
Professor Nicky Dries van de KU Leuven stelde in een recent interview drie eenvoudige maar fundamentele vragen. Zal AI daadwerkelijk productiviteitswinst opleveren? Hoe groot zal die winst zijn? En vooral: wie zal ervan profiteren? Het bedrijf? De HR-afdeling? Of de medewerkers zelf?
Misschien moeten we daar nog een vierde vraag aan toevoegen: zijn organisaties eigenlijk wel klaar om die productiviteitswinst te verzilveren?
Opvallend genoeg gaan veel gesprekken vandaag over welke AI-tool we moeten aanschaffen. Veel minder vaak gaat het over de vraag of de organisatie er klaar voor is. Technologie blijkt zelden de enige hinderpaal. Versnipperde data, onduidelijke processen, beperkte digitale vaardigheden en een gebrek aan vertrouwen vormen vaak een grotere rem op succes dan de technologie zelf. Een AI-licentie kopen is eenvoudig. Een organisatie klaarstomen om er echt waarde uit te halen, is een ander verhaal.
De recente HR Barometer van Vlerick en Hudson stemt op dat vlak tot nuance. AI stijgt in prioriteit binnen HR, maar de beheersing ervan blijft beperkt. Tegelijk staan HR-afdelingen onder druk: voor het eerst in tien jaar daalt de HR-capaciteit, van één HR-medewerker per 66 medewerkers vorig jaar naar één per 73 medewerkers vandaag. HR moet dus meer strategische impact realiseren met minder middelen.
Misschien verklaart dat waarom zoveel HR-professionals hun hoop vestigen op AI. Niet omdat ze dromen van robots, maar omdat ze dromen van ademruimte.
De echte vraag is dan ook niet of AI een hype is. De echte vraag is wat we zullen doen met de eventuele productiviteitswinst. Gebruiken we die om nog meer werk in dezelfde tijd te proppen? Of investeren we ze in beter werk, meer ontwikkeling, meer aandacht voor mensen en misschien zelfs een beetje meer ademruimte?
Dat weten we vandaag nog niet.
Voorlopig is AI daarom misschien vooral de hoopmachine van HR. De hoop dat we beter kunnen rekruteren, slimmer kunnen ontwikkelen, sterker kunnen ondersteunen en meer kunnen realiseren met minder mensen, zonder mensen harder te laten werken. Maar hoop is geen strategie. Daarom moeten HR-professionals vandaag niet alleen experimenteren met AI, maar ook het debat voeren over de voorwaarden én de verdeling van de opbrengst ervan.
Want de vraag is niet alleen of AI slimmer wordt. De vraag is of wij dat ook worden.
Frank Vander Sijpe, Director HR Trends & Insights Securex
28K
Volg ons op Linkedin en sluit je gratis aan bij de grootste HR-community van België.






