HRmagazine
11 april 2026
Zoeken
Nieuwsbrief
Word member

Over biljarttafels en bowlingbanen

“Wij zijn een grote familie! Een grote groep vrienden. Kijk we hebben een biljarttafel en een vogelpik, en eens in de maand gaan we met z’n allen bowlen. Echt tof!”

Ik moet dan nadenken en terugdenken aan mijn legerdienst… daar maakten ze mij ook zoiets wijs; zogezegd de gelegenheid om vrienden voor het leven te maken, maatjes onder elkaar. Ik dacht toen al – en nu nog steeds – steek mij op een onbewoond eiland met een peloton wildvreemden en hetzelfde gebeurt. Ik heb daar het leger niet voor nodig. Net zomin als ik mijn werk nodig heb om vrienden te maken, laat staan familie. Ochere die mensen trouwens!

Dikwijls moet dat soort kreten over biljarttafels en de grote familie doorgaan voor bedrijfscultuur en ik geloof dat niet. Volg je even mee?

Tact merkt niemand, gebrek aan tact merkt iedereen. Het is hetzelfde met goeie manieren. Die merk je pas als je aan tafel zit met mensen die er geen hebben. Een regelrechte verschrikking. En dat is volgens mij ook zo met zogenaamde bedrijfscultuur. Hoe weet je of je in een aangenaam bedrijf terechtkomt waar je je talenten kunt ontplooien? Waar verloning bijvoorbeeld minder belangrijk wordt, maar jobtevredenheid zoveel meer, omdat je trots bent dat je voor het bedrijf werkt, waar je op je plaats zit?

Ik denk dat ik ontzettend veel geluk heb gehad bij de bedrijven en organisaties waar ik gewerkt heb. En die waren heus erg verschillend. Het rigide karakter van een groot internationaal marktonderzoeksbedrijf kun je niet vergelijken met de losgelaten sfeer van de meeste communicatiebureaus. En op zijn beurt kun je de stugheid van een agency in Vlaanderen onmogelijk vergelijken met de fameuze Brusselse zwierigheid, die ik overigens verkies.

Wat ze allen gemeen hadden? Respect voor mensen en messcherpe aandacht voor het werk dat mensen moesten verrichten. Bij Nielsen uitte dat zich in een vrij formele houding. Wij werden geacht om een pak te dragen (we spreken over de jaren 80). De omgangsvormen waren hoofs en respectvol, maar dat stond collegialiteit zeker niet in de weg. Onze managers waren streng, maar bijzonder gedreven en competent, en ze namen hun verantwoordelijkheid, telkens opnieuw en vooral wanneer het moeilijk werd.

Ook bij Ogilvy hervond ik dat diep menselijk respect voor elkaar. De context en de sfeer waren een stuk gemoedelijker. Van rigiditeit en epische uitbarstingen was enkel sprake als het ging over opleveren voor de klant.

Ik herinner me dat mijn baas bij Nielsen mij in bescherming nam tegen een klant die me systematisch liet wachten. En ik herinner me ook dat de baas bij Ogilvy voor zichzelf een piepklein, slecht verlicht bureau uitzocht, omdat hij vond dat de creatieven de beste plaatsen moesten krijgen.

Naast respect was er nog iets anders. Tijd. Bedachtzaamheid. Er was nog tijd om na te denken en er werd niet om de haverklap een soort mailstorm gelanceerd met God en klein Pierke in kopie, zodat alles zogezegd afgedekt was en iedereen op de hoogte was van alles en nog wat. We joegen elkaar niet op in de zoektocht naar antwoorden of oplossingen, maar we hielpen elkaar.

Het zat in de daden, niet in de woorden of de grote statements. Dan heb je geen bowlingbanen en biljarttafels nodig. Zo simpel is het soms: terugkeren naar wat ertoe doet.

Column Guido Everaert, Docent KdG, Cross Media Management & International Business

25K

Volg ons op Linkedin en sluit je gratis aan bij de grootste HR-community van België.

Rubrieken

Over HRmagazine

Externe links

Volg ons op socials

Published by

Nieuwe Media Groep logo