ACV wil dwingender aanpak psychosociale risico’s

28 april 2021
Tekst
Jo Cobbaut
Beeld
ACV
ACV wil dwingender aanpak psychosociale risico’s

28 april is door de Internationale Arbeidsorganisatie uitgeroepen tot de jaarlijkse ‘Werelddag voor veiligheid en gezondheid op het werk’. ACV grijpt deze dag aan om voorstellen te lanceren rond psychosociale risico’s. De vakbond wil een risicoanalyse en inspectie die niet alleen aanweziger is, maar desnoods ook kan beboeten.

België heeft een van de succesvolste wetgevingen ter wereld inzake de preventie van psychosociale risico’s op het werk (PSR), maar dat belet niet dat het aantal werknemers dat op het werk lijdt aan stress, burn-out, pesterijen, geweld, enz. explosief steeg: in 2019 ervoer al meer dan 1 op de 3 werknemers (36,8%) in Vlaanderen problematisch veel stress op het werk; in 2012 was dat nog maar 30%.

Ruim 1 op 3 langdurig zieken lijdt aan PSR

Door het groeiende aantal gevallen, meer openheid bij slachtoffers van pesterijen, ongewenst seksueel gedrag en geweld op het werk en wellicht ook door de #metoo-beweging hebben, steeg ook de bewustwording over PSR, zo schrijft ACV in zijn militantenmagazine ‘Vakbeweging’.

Het ACV citeert cijfers van het RIZIV over het aantal langdurig zieke werknemers van bijna 431.000 (2020), een stijging met bijna een kwart op 5 jaar. Van deze 431.000 langdurig zieken lijden er 158.700 aan psychische stoornissen (36,8% van het totaal). Dit is de belangrijkste oorzaak van langdurige ziekte in België, vóór spier- en skeletaandoeningen. Het ACV formuleert dan ook een aantal voorstellen.

Risicoanalyse

Het ACV wil een goede en transparante risicoanalyse op basis van de in de wetgeving vastgelegde beginselen van de preventie van Psycho Sociale Risico’s (PSR). De werkgever moet die uitvoeren aan de hand van een te ontwikkelen standaardmodel. Dat model garandeert de kwaliteit van de risicoanalyse en faciliteert de opvolging van de maatregelen die op basis van de risicoanalyse worden genomen.

Die risicoanalyse moet transparant zijn, dus moet het Comité PB (Comité voor Preventie en Bescherming op het werk) of de vakbondsafvaardiging of de werknemers als er geen Comité PB is, er rechtstreeks toegang toe hebben. De werkgever die dat weigert, moet die weigering motiveren voor het Comité PB. Er moet overigens ook een specifiek luik voor telewerk zijn.

Inspectie moet desnoods ook kunnen beboeten

Het ACV klaagt wil dat de inspectie de middelen krijgt om snel en doeltreffend sancties op te leggen aan werkgevers die de wetgeving welzijn op het werk niet naleven. De inspectie moet onwillige werkgevers ook administratieve boetes. kunnen opleggen

Betere informatie en vorming van werknemers

Werknemers moeten worden opgeleid in de basisprincipes van de preventie van PSR. Het ACV denkt aan een verplichte opleidingssessie van een halve dag om de vier jaar. De laatste jaren zijn verschillende instrumenten ontwikkeld, onder meer de ‘Burn-out Assessment Tool’. De vakbond wil “een grootschalige campagne om deze instrumenten bij werkgevers en werknemers te promoten”.

Alle leidinggevenden in het bedrijf (met inbegrip van de directie) moeten op regelmatige tijdstippen (ten minste om de vier jaar) een opleidingssessie bijwonen die specifiek gewijd is aan de managementaanpak voor de preventie van PSR.

De aanwezigheid van de PSR-preventieactoren in het Comité PB

De preventieadviseur psychosociale aspecten (PAPS) en de vertrouwenspersoon in het bedrijf moeten bij de jaarlijkse evaluatie van de preventiemaatregelen aanwezig zijn in het Comité PB. De PAPS moet schriftelijk advies uitbrengen aan het Comité PB over het jaarlijkse actieplan indien hij/zij niet aanwezig kan zijn bij de bespreking van dit punt in het Comité PB.

Recht op deconnectie bij telewerk

Volgens de wet moet er overleg plaatsvinden tussen de werkgever en de werknemersvertegenwoordigers over de formalisering van een recht op deconnectie. Het ACV eist dat de wetgeving verplicht tot het opstellen van een specifiek actieplan met betrekking tot dit recht op deconnectie, waarover het Comité PB zijn advies moet geven.

Regelmatige werkbaarheidsmeting

Naast de verplichte risicoanalyse moet elke onderneming met meer dan 20 werknemers om de drie jaar een werkbaarheidsmeting houden. Dit onderzoek moet gebeuren met een door de sector gekozen meetinstrument. De resultaten komen op het Comité PB en dienen als basis om het jaarlijks actieplan en het globaal preventieplan bij te sturen. De resultaten van deze enquêtes moeten ook worden gebruikt als basis voor het ontwerpen van een sectoraal actieplan.

Nood aan volledige en betrouwbare cijfergegevens

Om de doeltreffendheid van de PSR-wetgeving volledig en objectief te kunnen beoordelen, is het van essentieel belang om over volledige en betrouwbare statistieken te kunnen beschikken. Dit is momenteel niet het geval. De statistische gegevens die worden verzameld, moeten openbaar worden gemaakt

BRON: het militantenmagazine ‘Vakbeweging’ van 25 april 2021

Meer in het topic: Werelddag voor veiligheid en gezondheid op het werk28 april