Vrouwen in tech

Foto
Nicolas Herbots
Hoewel de techindustrie bekendstaat om innovatie en vooruitgang, blijft gendergelijkheid nog een na te streven ideaal. Voor veel vrouwen betekent een carrière in tech dat ze hardnekkige stereotypen doorbreken, zich navigeren door mannelijke bolwerken en zich toch nét wat meer moeten bewijzen. We trokken ons samen met Visma en enkele vrouwen uit de techwereld terug in Landgoed Wolfslaar, bij Breda. Een greep uit het gesprek.
First things first: waarom is deze rondetafel nodig?
Linda Emmery: “Bij Visma bestaat het personeel voor zestig procent uit mannen en voor veertig procent uit vrouwen. In die zin is er een redelijke balans, maar als je dieper kijkt, zie je dat mannen het meest in contact staan met klanten en onze producten bouwen. Ik heb in erg veel masculiene omgevingen en bedrijven gewerkt waar het vooral rond macht draait, terwijl het eigenlijk gaat over hoe we met onze klanten bezig zijn en hoe we zowel de werkplek als de wereld beter kunnen maken. Ik voel dat we als maatschappij klaar zijn om die stap te zetten, maar om deze manier van denken echt te bereiken moeten we ons als vrouwen meer verenigen.”
Francien Eppens: “Aan dat vrouwelijk samenklieken heb ik juist een beetje een allergie. Enerzijds voel ik wel dat het belangrijk is, maar aan de andere kant leer je op die manier ook niet om je staand te houden tussen mannen of in een mannelijke context. Dat is dan ook vaak waar het in deze context om draait, omgaan met verschillen is vaak al geïnternaliseerd: je schuilt of je omarmt het. Ik denk dat we het moeten omarmen om op die manier diversiteit en vooral waarde te creëren op verschillende niveaus.”
Ruth Wachelder: “Het begint ook bij de bewustwording van de vrouw zelf. We moeten dit niet blijven pikken en mannen aanspreken op bepaalde situaties. Zowel mannen als vrouwen hebben een unconscious bias, waar we vanaf moeten. In deze gevallen helpt een gesprek met beide partijen wel echt.”
Dewi Van de Vyver: “Inderdaad. Mannen argumenteren vaak over het feit dat vrouwen ook generaliseren, en dan moet je iedere keer opnieuw uitleggen dat vrouwen in dezelfde wereld worden opgevoed waarin die idealen rond masculiniteit en feminiteit extra versterkt worden. Veel mensen beseffen niet hoeveel kracht er in onze maatschappij schuilt. We leven in een masculiene wereld waarin alle structuren voordelig zijn voor de man. Toen de regering van plan was om het bevallingsverlof niet mee te tellen voor de pensioenleeftijd vond ik dat waanzinnig, mannen hebben dat probleem nooit.”
Wietske Van Hees: “Toen ik in de softwarewereld stapte, ervaarde ik het effect van masculien leiderschap. Zo heb ik bijvoorbeeld na mijn zwangerschapsverlof ervoor moeten strijden om parttime te mogen werken. Ik heb mijn leidinggevenden toen moeten overtuigen dat ik mijn functie nog steeds succesvol kon uitvoeren.”
Een carrière in tech, dat is toch kiezen voor een echte mannenwereld?
Dewi Van de Vyver: “Biologisch gezien zijn er sinds het begin van de mensheid altijd vrouwen geweest die met technische dingen bezig zijn, maar vandaag word ik er als atypisch door aanzien, terwijl er tegelijkertijd ook mannen zijn die graag met ‘vrouwelijke’ dingen zoals make-up bezig zijn. We zijn als maatschappij echt verantwoordelijk voor hoe we mannen en vrouwen opvoeden in het vrouw en man zijn om hier verandering in te brengen.”
Marie-Claire Eichhorn: “In ons leiderschapsteam zetelen twee vrouwen. Een van de mannen gaf bij aanvang van samenwerking aan dat hij het samenwerken met twee vrouwen spannend vond. Toen ik hem vroeg waarom, vertelde hij op zijn beurt dat vrouwen voor hem vaak als onvoorspelbaar overkomen. (…) Tijdens meetings probeer ik altijd heel open en vanuit zachtheid te communiceren, maar dat wordt niet altijd gehoord of begrepen. Aan de andere kant merk ik dat, zodra ik de mannelijke aanpak toepas en directer mijn boodschap overbreng, ik ervaren word als lastig, boos of emotioneel. Daardoor denk ik dat mannen zich toch tot op zekere hoogte bedreigd voelen door vrouwen. Het is denk ik vooral onmacht en geen onwil, maar daarin hebben wij nog een lange weg te gaan, als mannen en vrouwen met elkaar”
Stéphanie Vermeersch: “Inderdaad, soms krijg je te maken met echte vrouwonvriendelijke opmerkingen van mannen die geïntimideerd zijn en daarom niet meer weten hoe ze met je moeten omgaan.”
Laat ons even naar het onderwijs kijken, want slechts een derde van de vrouwen gaat een STEM-richting uit.
Francien Eppens: “En maar veertig procent van de afgestudeerde vrouwen in de technische sector gaat er ook effectief aan de slag. Ergens along the way raken we dus vrouwen kwijt. Daarom hebben ze in Nederland actief ingezet op jonge vrouwen om voor een technische richting te kiezen, en dat werpt nu zijn vruchten af.”
Wietske Van Hees: “Mijn dochter is recent naar het middelbaar gegaan. Het viel me op hoe weinig meisjes aangemoedigd worden om te starten met technische richtingen. Ze worden niet geënthousiasmeerd met als gevolg dat de meeste meisjes kiezen voor creatieve vakken terwijl jongens juist wel de technische richting uitgaan.”
Dewi Van de Vyver: “In België is dat niet anders. Met het STEM-platform willen we STEM aanmoedigen bij alle kinderen tot achttien jaar en beyond. Een mix van kwaliteiten en talenten ontdekken, dat is wat je nodig hebt. Maar vaak gaat het vanaf de kleuterklas al mis: jongens en meisjes worden ingedeeld in poppen- en autohoeken. Met als gevolg dat ze wanneer ze kunnen kiezen voor een STEM-richting al te vaak gehoord hebben dat dat niets is voor meisjes. Zelfs op universiteiten hoor ik nog steeds verhalen van vrouwen die uit studiegroepen worden gesloten of die herhaaldelijke opmerkingen van professoren moeten doorstaan.”
Linda Emmery: “Naar mijn mening is het nu het ideale moment als werkgever om je verantwoordelijkheid op te nemen. Want als we op de politiek moeten wachten, kan verandering nog even op zich laten wachten. Als werkgever daarentegen kan je jonge kinderen rolmodellen laten zien in wiens voetsporen zij kunnen treden.”
Ruth Wachelder: “Als we meer vrouwen aantrekken in technische beroepen, worden teams vanzelf diverser. En precies die mix aan perspectieven zorgt voor meer creativiteit en betere beslissingen. Diversiteit verslaat uniformiteit, keer op keer.”
Het woord moederschap werd kort vermeld. Het is hoe dan ook een uitdaging om een carrière en gezin met elkaar te combineren, laat staan een carrière in tech.
Linda Emmery: “In Scandinavische landen zie je dat moeders een jaar kunnen thuisblijven en kinderen na dat jaar vier tot vijf dagen naar een opvang gaan. Vrouwen hebben hierdoor, ongeacht hun studies of financiële situatie, vier tot vijf dagen per week tijd om zichzelf te ontwikkelen, te werken, of te studeren en zich ook zichtbaar te maken. In Nederland daarentegen betaal je torenhoge rekeningen voor kinderopvang en word je als een slechte moeder aanzien, wat ervoor zorgt dat Nederlandse vrouwen zich minder snel ontwikkelen.”
Maire-Claire Eichhorn: “Ik probeer elke keer gesprekken over moederschap in alle openheid en zachtaardigheid aan te gaan. Wanneer mensen aan mij vragen waarom ik geen kinderen heb, vraag ik aan hen waarom zij ze wel hebben. We denken nog te vaak in hokjes.”
Dewi Van de Vyver: “Het is daarom belangrijk dat bedrijven druk uitoefenen op de politiek om deze verschuivingen in gang te zetten. Visma kan bijvoorbeeld kinderopvang voorzien zodat moeders ook terug aan het werk kunnen.”
Wat kunnen bedrijven doen om meer vrouwen aan te trekken?
Stéphanie Vermeersch: “Ik denk dat techbedrijven moeten inzetten op hoe ze rolmodellen kunnen creëren en vrouwen binnen hun bedrijf gelijke kansen geven. Daarnaast weten velen vaak niet wat tech inhoudt, en zien ze het als een harde, nerdy sector, terwijl het juist zo sociaal is. Werken aan een betere branding van techbedrijven is dus zeker een must.”
Linda Emmery: “Vrouwen die geen technische opleiding hebben gehad kan je op die manier vinden en aantrekken. Bij Visma hebben we bijvoorbeeld een Girls’ Day, waar vrouwen vertellen wat ze doen tijdens hun job. Daarnaast gaan we ook rond op scholen en organiseren stages in de hoop dat het percentage vrouwelijke werknemers stijgt.”
Stéphanie Vermeersch: “Het begint al bij het rekruteringsproces. De rolbeschrijvingen zijn vaak te technisch waardoor vrouwen gewoonweg niet solliciteren naar een bepaalde functie, terwijl de inhoud hen wel erg zou kunnen aanspreken. Er moet echt meer balans komen in de manier waarop vacatures zijn opgesteld, met minder focus op het technische en meer focus op het schrijven van teksten vanuit een vrouwelijk perspectief.”
Denken jullie dat quota hierbij kunnen helpen?
Dewi Van de Vyver: “Ik ben voor quota, maar dat is enkel en alleen omdat ik geloof dat het de enige manier is om bedrijven te verplichten om hun blik te openen en vrouwen ook echt te includeren.”
Marie-Claire Eichhorn: “Ik denk dat het op korte termijn wel kan helpen, maar in the long run denk ik van niet. Ik geloof niet echt in opgelegde quota. Als de organisatie er niet klaar voor is, is die er niet klaar voor.”
Francien Eppens: “Meer vrouwen op key positions zetten en hen meer uitdagen door promoties te geven is naar mijn mening eenvoudiger dan om op een geforceerde manier vrouwen aan te nemen en hen in een hoge functie te plaatsen.”
De loonkloof is een feit, hoe gaan we die dichten?
Francien Eppens: “Vrouwen moeten gemiddeld gezien meer aangemoedigd worden om te vragen naar promoties dan mannen, ik weet niet of dat de oplossing is, maar het vormt wel een mogelijkheid.”
Ruth Wachelder: “We moeten ze niet alleen aanmoedigen, maar vooral uitdagen. Hr-afdelingen spelen ook een grote rol. Benchmarken is een goede en transparante manier om te toetsen wat de huidige stand van zaken is binnen je bedrijf. Daarna kun je feitelijk lonen gaan gelijktrekken.”
Linda Emmery: “Ik ben zelf nog wat zoekende in de Pay Transparancy Directive. Dat zou aan de ene kant betekenen dat het salaris voor iedereen gelijk gaat zijn, maar aan de andere kant vind ik dat extreem meten en systematiseren ook niet zo fijn als werkgever vanwege de enorme administratiedruk. Toch denk ik dat het zou kunnen bijdragen in het dichten van de loonkloof.”
Dewi Van de Vyver: “Ik zou niet weten waarom je niet mag zien wat iedereen in je bedrijf verdient. De dag dat alle bedrijven zich dat realiseren is misschien ook wel de dag dat de loonkloof verdwijnt. Vrouwen weten namelijk vaak niet waar de benchmark ligt doordat we niet meegaan naar het voetbal, of op café.”
Marie-Claire Eichhorn: “De vraag is eigenlijk: Wat volgt er nadien? Blijft dat ook gedurende je carrière gelijk doorgroeien? Puntje bij paaltje blijft een mens nog altijd een andere mens beoordelen en zullen we dus altijd subjectief zijn.”

25K
Volg ons op Linkedin en sluit je gratis aan bij de grootste HR-community van België.






