Verhoogde pensioenleeftijden onhaalbaar als werk niet werkbaarder wordt

Foto
shutterstock
Bijna geen werknemers zien zich vandaag te werken tot de pensioenleeftijd van 67. Als we werk niet werkbaar maken, zal een hogere pensioenleeftijd niet helpen om de sociale zekerheid betaalbaar te houden. “Voor sommige werknemers is langdurige afwezigheid dan de enige uitweg”, zo concludeert Frank Vander Sijpe van Securex.
De Director HR Trends & Insights bij Securex baseert zich op een bevraging bij een representatieve steekproef van 1512 werknemers.
De pensioenleeftijd van 67 jaar vanaf 2030
De federale overheid besliste in 2015 dat de pensioenleeftijd in 2025 en in 2030 van 65 jaar naar respectievelijk 66 en 67 jaar wordt opgetrokken. Mensen worden steeds ouder, dus de maatregel wordt als noodzakelijk geacht om de sociale zekerheid betaalbaar te houden. Uit een recente bevraging van Securex blijkt dat slechts een kleine minderheid van de werknemers tot 67 wil blijven werken.
Op de vraag tot welke leeftijd werknemers denken te kunnen werken, antwoordt 56,7% dat ze niet tot 65 jaar (de huidige pensioenleeftijd) kunnen werken.
Op dezelfde vraag over de toekomstige pensioenleeftijd van 67 jaar, antwoordt zelfs 83,7% niet tot die leeftijd te kunnen werken.
Motivatie
Naast gezondheid is ook de motivatie (willen werken) een belangrijk aspect om de job langer vol te houden. Van de bevraagde werknemers wil 71,2% niet tot 65 jaar werken. Voor de toekomstige wettelijke pensioenleeftijd van 67 geeft maar liefst 91,5% van de werknemers aan niet tot die leeftijd te willen werken.

“Het is duidelijk dat we, om de sociale zekerheid betaalbaar te houden, niet alleen de pensioenleeftijd moeten verhogen, maar dat de jobs tegelijk ook werkbaar moeten blijven,” zo stelt Frank Vander Sijpe, Director HR Trends & Insights bij Securex. “Uit cijfers van het Riziv blijkt dat de groep van 50 tot 59 jaar het vaakst getroffen wordt door langdurige afwezigheid ten gevolge van depressie of burn-out. Het is absoluut cruciaal dat we 55-plussers blijven activeren en hen een job bieden waarin ze zich gewaardeerd voelen, erkenning krijgen, en indien gewenst ook ontwikkelruimte ervaren ”, aldus Frank Vander Sijpe.
Verschil jonge en oudere werknemers
Werknemers ouder dan 55 beoordelen hun jobkansen bovendien anders dan hun jongere collega’s. Oudere werknemers hebben dan wel iets vaker de perceptie dat ze een job uitvoeren die binnen hun professionele plannen past (83,4% vs. 75,2%), maar ze hebben minder vaak het gevoel snel een evenwaardige job te kunnen vinden bij een andere organisatie of bij hun huidige werkgever.
Jongere werknemers hebben bovendien vaker het gevoel dat ze weten wie ze kunnen contacteren om een nieuwe job te vinden: 32,9% van de werknemers jonger dan 55 jaar weet niet bij wie ze terecht kunnen, bij 55-plussers is dat 42,8%.
Ruim de helft van de 55-plussers (50,5%) heeft het gevoel dat zijn werkgever eerder weinig interesse heeft in hoe ze het laatste deel van hun loopbaan kunnen invullen. Bij jongere werknemers is dat slechts 41,7%.
“Werknemers in de herfst van hun loopbaan hebben vaker dan hun jongere collega’s het gevoel dat ze vast zitten in hun huidige job en dat ze nog maar weinig kansen krijgen. Het is van cruciaal belang dat we werknemers die naar het einde van hun loopbaan evolueren, niet alleen ontzien, maar ook voldoende kansen bieden om een nuttige rol te vervullen in, of zelfs buiten de organisatie. Werkgevers kunnen hen bijvoorbeeld aanstellen als mentor voor jongere collega’s of deeltijds in het onderwijs: op die manier gaat hun kennis niet verloren.”, zo suggereert Nathalie Mertens van Securex Consulting.
25K
Volg ons op Linkedin en sluit je gratis aan bij de grootste HR-community van België.






